Foldable chairs

Keramiek dat een hoek kiest.
Georgie Frankel maakt werk dat je twee keer laat kijken. Niet omdat het ingewikkeld is — maar omdat het zo vertrouwd is. Een tuinstoel. Een klapstoel. Dingen die je kent, die je misschien zelfs buiten hebt staan. Maar hier hangen ze aan de muur, in keramiek, geglazuurd in verschillende kleuren precies gevouwen in de hoek van een kamer.

De plastic tuinstoel en de klapstoel zijn overal. Op terrassen, in keukens, in gymzalen. Ze worden neergezet, opgeklapt, gestapeld en vergeten. Niemand kijkt er echt naar.

Georgie Frankel wel.

Voor Foldable Chairs vormt ze deze stoelen met de hand in keramiek — plat, als een silhouet — en glazuurt ze in heldere, uitgesproken kleuren. Elk stuk is uniek. Geen mal, geen reproductie. De kleine onregelmatigheden in het oppervlak zijn de handtekening van het makersproces.

Het bijzondere aan deze serie is de installatie: de stoelen zijn gemaakt om in een hoek te hangen, precies op de plek waar twee muren samenkomen. Zo speelt het werk met de architectuur van de ruimte — en met de gewoonte van de kijker.

Een object dat je kent. Een plek die je niet verwacht. Dat is Foldable Chairs.

Georgie Frankel (1996, Kampen) groeide op met een scherp oog voor de dingen om haar heen — niet de bijzondere dingen, maar juist de gewone. Ze studeerde Product Design aan de HKU in Utrecht, maar haar echte fascinatie lag niet bij het ontwerpen van nieuwe dingen — maar bij het opnieuw zien van wat er al was.

Haar eerste grote series draaiden om het microscopische — ze vergrootte structuren uit boter, koffie en tandpasta tot keramische sculpturen die je kon vasthouden.

Maar de fascinatie bleef dezelfde: wat negeren we elke dag, zonder te beseffen hoe bijzonder het eigenlijk is?